COMPLEMENTAIRE ZORG, EEN NIEUW DESKUNDIGHEIDSDOMEIN VOOR ONCOLOGISCHE VERPLEEGKUNDIGEN. M.J.H.Huisman-Boesenach, Avondhoofd in het AZR/ Daniel ,Groene Hilledijk 301,3075 EA Rotterdam.
Complementaire zorg (c.z.) richt zich op de verpleeg- en of zorgproblemen (Nanda) en zijn aanvullende verpleegkundige interventies en hanteert het verpleegkundig proces als uitgangspunt. C.z. is een aanvulling op de standaard verpleegkundige zorg, en het is niet het een of het ander, maar en/en. C.z. heeft niet de pretentie te kunnen genezen, wel dat het de kwaliteit van het leven kan bevorderen. C.z. is binnen de palliatieve zorg een geaccepteerde zorgvorm.C.z. komt uit de natuurgeneeskunde en kijkt naar de patient vanuit de holistische visie. Bij de oncologische patient sta je soms met de rug tegen de muur, de pijnbestrijding helpt niet voldoende, de patient is erg gestresst, misselijkheid en braken blijft ondanks de anti-emetica, Na een slecht nieuwsgesprek kan men niet slapen, vervelende bijwerkingen van de cytostactica zijn niet te verhelpen. Bij al deze verpleegproblemen kan c.z. ingezet worden. Het op een andere manier met de klachten omgaan, tijd nemen om uitleg te geven over c.z. en bv. een hand- of voetmassage te kunnen aanbieden geeft de patient het gevoel serieus genomen te worden en aandacht te krijgen. In het AZR/Daniel wordt gewerkt met c.z. bv. kruidenthee (pepermunt) wordt ingezet bij misselijkheid en braken bij cytostacia, rustgevende thee voor het slapen, calendulazalf wordt gesmeerd bij huidproblemen van het AraCsyndroom of bestralingsdefecten. Het werken met esentiele olie bij slaapproblemen, b.v. een paar druppels lavendel of sinaasappel op het kussen doet wonderen. Een warme handdoek met lavendel bij buikkrampen door Ara-C of een dreigende ileus. Een groot aantal interventies wordt genoemd bij de Verpleegkundige Interventies Mc Closky e.a. 1999. Het Helen Downing Instituut levert goed wetenschappelijk onderzoek naar de kwaliteit van leven met gebruik van massage en etherische olie.Massage is uitgebreid onderzocht (S.E.Labyak en B.L.Metzger 1997, Rankin-Bos 1995) Massage en ontspanningsoefeningen, warmte en koudetoepassingen worden in de handboeken voor verpleegkunde aangeleerd als " normale" interventies in de opleidingen (Goossen en Klaasen, 1998) en worden zowel door de patient als verpleegkundige als waardevolle interventies ervaren. In het kader van de BIGwet dienen verpleegkundigen gescjoold te zijn . Hieraan wordt binnen het AZR in de oncologie-opleiding aandacht besteed, en op afdeling worden klinische lessen gegeven en er is een verpleegkundige met aandachtsgevied c.z. De oncologieverpleegkundige kan op deze manier een bijdrage leveren die tot doel heeft de zorgvrager (onze kllient) in staat te stellen zo optimaal mogelijk te leven op een voor hem bevredigende manier. De verpleegkundige helpt de zorgvrager Hierbij een optimaal evenwicht te vinden tussen draagkracht en draaglast. Dit kan ook betekenen dat de verpleegkundige de (reactie op ) ziekte en stoornis helpt inopasen in het leven van de zorgvrager, o fdat zij de zorgvrager ondersteunt bij zijn stervensproces. C.Z.interventies kunnen hierbij een bijdrage leveren. De behoefte van de zorgvrager staat centraal en de zorgverlening dient daarop aan te sluiten. (Leistra e.a. 1999)
 |
|